Doel: we maken de icing dikker op sommige plekken (zoals echte druppels en een dikkere rand) en lossen eerst kleine mesh-fouten op.
Korte termenlijst
Edit Mode = modus om punten/lijnen/vlakken van een model te bewerken.
Object Mode = modus om het hele object te selecteren/verplaatsen.
Snapping (magneet) = punten plakken tegen een ander object.
Shrinkwrap Modifier = duwt je mesh tegen een doel-object (b.v. tegen de donut).
Modifier Stack = lijst met modifiers (boven = eerst, beneden = later).
Apply = maak de modifier permanent.
Sculpt Mode = modus om vrij te “boetseren” met kwasten (brushes).
Brush = gereedschap in Sculpt Mode (bijv. Inflate, Grab, Smooth).
Inflate = blaast de vorm plaatselijk op.
Grab = duwt/trekt de vorm als klei.
Mask = beschermt of selecteert een deel zodat andere tools daar wel/niet werken.
Front Faces Only = schilder alleen op de voorkant, niet door het model heen.
Mesh Filter = past één effect in één keer op de hele (gemaskte) mesh toe.
Subdivision Surface = voegt extra detail/vertices toe.
We zorgen dat de icing netjes op de donut ligt en geen rare dubbele vlakken heeft.
Selecteer je Icing-object.
Druk op Tab → ga naar Edit Mode.
Druk op Alt + H om verborgen delen weer zichtbaar te maken (indien nodig).
Zet rechtsboven Snapping (magneet) aan.
Kies bij Snapping: Face Project. (punten plakken op vlakken van de donut)
Selecteer één verdacht punt dat los lijkt te liggen.
Druk op G om dat punt te verplaatsen.
Klik één keer links zodat het punt “snap”t op de donut.
Herhaal voor andere losse punten als je die ziet.
Tip: Zie je overlappende of ingedrukte stukjes? Dat komt vaak door projecteren vanuit de zijkant. Even terugtrekken met G + Snapping helpt.
Automatisch alles laten ‘aanliggen’ met Shrinkwrap
Ga naar Object Mode (Tab).
Open het wrench-icoon (Modifiers).
Klik op Add Modifier.
Kies Shrinkwrap (staat onder Deform).
Klik op de oogdruppel (pipet).
Klik in de 3D-viewport op de donut (doel-object).
Sleep de Shrinkwrap-modifier omhoog in de stack boven Solidify. (volgorde is belangrijk)
Controleer de vorm: de icing moet nu netjes tegen de donut aanliggen.
Klik op het pijltje van Shrinkwrap en kies Apply (eenmalig effect vastzetten).
We willen de rand en druppels dikker maken, dus we hebben echte geometrie nodig.
Controleer de Solidify-modifier op de icing.
Klik op het pijltje van Solidify en kies Apply. (Nu is de dikte onderdeel van de mesh)
Tip: Zonder Apply kun je in Edit/Sculpt Mode de “dikte” niet echt verplaatsen.
Ronde vormen hebben extra detail nodig om mooi te sculpten.
Ga naar Object Mode (als je nog in Edit zit: Tab).
Open Modifiers (wrench).
Klik op Add Modifier → Generate → Subdivision Surface.
Zet Levels Viewport op 2.
Klik op Apply. (Belangrijk: er wordt toegepast wat bij Viewport staat)
Tip: Subdivision x2 geeft veel meer vertices (16× t.o.v. level 0). Sculpten wordt dan vloeiender.
We gaan nu boetseren: einddruppels dikker en een opgehoogde rand.
Ga naar Sculpt Mode (links bovenin modus-menu).
Kies Brush Inflate (of druk I).
Druk op F en sleep om de brush-grootte in te stellen.
Druk op Shift + F en sleep om de sterkte in te stellen.
Activeer Front Faces Only (Brush → checkbox) zodat je niet door de mesh heen schildert.
Tip: Korte, kleine cirkelbewegingen met de muis geven gecontroleerde opbolling.
Zoom in op een druppel-einde (muisscroll of Numpad +).
Teken kleine cirkels met Inflate op het uiteinde van de druppel.
Herhaal dit op alle druppel-eindes waar je extra dikte wilt.
Schakel naar Grab-brush (druk G).
Duw/trek zachtjes aan de druppelvormen om taps (mooi toelopend) te maken.
Gebruik F om brush-grootte aan te passen per druppel.
Tip: Overdrijf subtiel. Iets dikker aan het uiteinde oogt smakelijker en realistischer.
We gebruiken een Mask om alleen de rand te bewerken en dan één gelijkmatige opbolling toe te passen.
Kies de Mask-brush (druk M).
Zet Strength van de Mask op 1.0 (helemaal vol; geen half-doorzichtig).
Zet Front Faces Only aan bij de Mask-brush.
Verf een donkere strook precies langs de rand van de icing (waar je de verhoging wil).
Laat plekken waar de druppel is weggevloeid ongeverfd (daar géén verhoging).
Controleer rondom of de donkere strook ongeveer even breed is.
Druk Ctrl + I om de Mask te inverten (alleen de strook blijft actief).
Tip: Zie je per ongeluk verf aan de achterkant? Dat is “door het model heen” schilderen. Met Front Faces Only gebeurt dit veel minder.
Open het gereedschap Mesh Filter (Sculpt Tools-lijst).
Kies Filter Type: Inflate.
Zet Strength op 0.1. (kleine, controleerbare stap)
Klik, sleep heel klein naar rechts om gelijkmatig op te bollen binnen de Mask.
Laat los en kijk van de zijkant of de rand hoogte mooi is.
Herhaal een klein beetje als het nog iets meer mag.
Kies Mask → Smooth Mask druk op a (verzacht de mask-overgang).
Herhaal Smooth Mask 1–2× tot de rand niet te hard oogt.
Ga naar Object Mode en check het resultaat in de viewport.
Ga terug naar Sculpt Mode als het nog ietsje meer mag.
Maak de Mask leeg (Clear Mask-knop of Alt + M).
Kies de Smooth-brush.
Zet Strength van Smooth wat lager (bijv. 0.2–0.4).
Veeg langs ruwe randjes tot kleine artefacten weg zijn.
Houd Shift ingedrukt tijdens een andere brush om tijdelijk Smooth te gebruiken.
Loop de hele rand en druppels af en poets oneffenheden.
Tip: Als Smooth te sterk is, maakt het je details vlak. Zet de sterkte lager en gebruik een grotere brush.
Druk op / (slash) om alleen de icing te isoleren (optioneel, voor controle). Druk weer / om alles te tonen.
Draai het model rond en check druppels en rand overal.
Sla op via File → Save of Ctrl + S.
Volgorde in Modifier Stack: Shrinkwrap boven Solidify; anders druk je de verkeerde vorm tegen de donut.
Detail vs. Snelheid: Meer Subdivision = mooier sculpten, maar zwaarder. 2 levels is vaak genoeg.
Rustig werken: Werk in kleine stukken (één druppel, dan de volgende). Pauzeer even als je onrust voelt.
Consistentie: Maak sommige druppels dikker en andere dunner voor realisme, maar vermijd extreme verschillen.
Succes! Je icing heeft nu natuurlijke variatie in dikte én een mooie, subtiele opstaande rand rondom. 🍩✨